De kleine Chevrolet wordt afgeleverd bij het hotel. Darcars lijkt een verhuurbedrijf wat nog niet veel ervaring heeft. Ze berekenen 1 dag te weinig en we krijgen nog 10% korting op de koop toe.
De Miraflores sluizen in het Panamakanaal is redelijk snel gevonden ondanks de ochtendspits in Panama city. Wat een gedoe om de schepen die de shortcuts door midden Amerika willen maken. Het duurt pakweg 9 tot 11 uur om van de ene naar de andere kant te komen. Wel leuk om te zien hoe de grote schepen door de treintjes door de krappe doorvaart worden geloodst. Het museum geeft een mooi beeld over de bouw van dit 81 km lange kanaal, ooit gestart door Ferdinand de Lesseps, je weet wel de bedenker van het Suezkanaal. Hij is er mee gestopt omdat door landverschuivingen en tropische ziektes er tussen de 10 en 20 duizend arbeiders om het leven zijn gekomen. In 1903 is de bouw door de Amerikanen overgenomen en lang in hun bezit geweest. In 1920 gingen de eerste schepen door het kanaal. Het is nog niet zo lang geleden dat het weer Panamees grondgebied is geworden. Zij strijken nu de centen op. Dit is big business voor Panama.
We rijden door naar El Valle de Anton. El Valle is een krater van een dode vulkaan. De laatste uitbarsting was 300000 jaar geleden. De krater is lang gevuld geweest met water. Daarna zijn er mensen gaan wonen. Volgens Lonely Planet de grootste bewoonde kratervan de wereld. Ze verzinnen van alles om de toeristen te trekken. Het is hier ietsje koeler maar toch is het zweten geblazen.
De “Kare lodge ” is een hostel met een paar lux ingerichte safaritenten. Ze zijn gloednieuw met een koelkastje, flatscreen TV, een eigen badkamer voor weinig. We besluiten om 3 dagen te blijven. De Chileens Duitse eigenaar haalt alles uit de kast om het ons meteen naar de zin te maken. Ze krijgen nu al een 10!. Kijk dat is nu gastvrijheid ” Best Western hotel! “!
In de zoo van El Valle zien we de gouden kikker die hier vroeger voorkwam. Nu alleen nog te zien in een aquarium. Ook de Tapir is een dier wat nog sporadisch voorkomt. Hier is een echtpaar bezig geweest met als gevolg een klein gestreept Tapirtje. Pa laat met trots zijn vujfde been over de grond bungelen. En die is niet misselijk, dat kan ik je wel vertellen! Een leuk klein dierentuintje. Wat ooit als dierenopvang is begonnen.
Honderden kinderen met lampionnen verzamelen zich langs de kant van de weg. Het waarom is ons niet duidelijk. Met veel getrompetter en beukende drums komt de stoet in beweging. In deze kleine gemeenschap van 7000 zielen zijn veel kinderen. Ook hier zijn de kinderen schattig en lief.
Mario, een afgestudeerde bioloog en hoogleraar, gaat ons leren om naar vogels te kijken, anders naar vogels te kijken. We worden uitgerust met dure verrekijkers. Mario heeft een lazerlampje om ons precies aan te wijzen waar het vogeltje in de boom zit. Hij kent ze allemaal bij naam en hoe ze eruit zien. Hij lokt ze met fluitgeluiden van het specifieke vogeltje. Razend knap! Er vliegen in dit gevarieerde landschap meer dan 500 verschillende soorten rond. Ik roep nog even “poelifnario” !!Maar daar komt ie ech nie z’n nest voor uit. In het open gebied vliegen weer andere vogels dan in het regenwoud. Papegaaien, Toekans, Parkieten, de ranzige bosuil, hij kent ze allemaal. Mario heeft 15 jaar geleden een nieuw vogeltje ontdekt en beschreven en 2 jaar geleden een nieuwe slang. Hij is dus niet de eerste de beste gids. In deze omgeving is veel Amerikaans privé bezit. Dure landhuizen met heel veel natuur. Mario zelf heeft ook een aardig stukje grond met veel aangeplante bomen speciaal gekozen voor de vogels. Een echte vogelaar.
Er zijn in dit toeristen plaatsje genoeg restaurants maar jammer genoeg te veel op de Italiaanse keuken geïnspireerd. we kunnen zolangzamerhand geen pizza of pasta meer zien. De hele wereld is vergeven met pizza bakkers en spaghetti vreters.
We gaan naar Playa Venao aan de Pacific. Het landschap is hier totaal anders dan aan de Caribische kust. Hartstikke droog terwijl het toch regentijd is. We slapen in een hostel gerund door vrijwilligers. Door een dubbele boeking krijgen een betere kamer aangeboden waar we geen nee tegen zeggen. De zee aan deze kant veel woester. Hoge golven. Voor surfers ideaal. De jonge mensen hier maken daar dan ook veelvuldig gebruik van. Beachboys zijn geen gezellige mensen. Het loners, einzelgangers. Ze liggen de hele dag in zee te wachten op die ene ultieme golf waar ze dan pakweg 15 seconden op mee surfen.
Ellen kan de witte golven niet weerstaan en neemt direct een duik in het zilte nat. Ik wacht even af.
Het begint zowaar te regenen wat de baai waar de hostel gelegen is wat triest maakt. Het strand en de omgeving zijn niet supermooi, maar de hoge golven, dat is wat de surfers hier aantrekt. Veel jonge Duitsers. Ellens “dwars door de tuin soep ” smaakt weer heerlijk. De nodige vitaminen zijn weer binnen.
De vervuiling van de zee valt hier wel mee.
De regen van gistermiddag en vannacht heeft de natuur zichtbaar good gedaan. De lieflijke heuvels, waar vroeger het tropisch regenwoud heerste, zijn prachtig. Veel landbouwgrond is daar voor in de plaats gekomen. De kust is nog ongerept in het plaatsje Cambutal.
















